Reflectieverslagen

De komende week moet ik op een school iets zeggen over reflectieverslagen. Kritiek daarop wordt gemakkelijk verkeerd begrepen. Om maar met de deur in huis te vallen: ik ben er niet van. En dat terwijl ik niets liever doe dan schrijven. Ik houd zelfs een dagboek bij. Waarom zouden reflectieverslagen dan geAfbeelding Onderwijsen nut hebben?

Schrijven is denken met een pen. Dat is al jaren mijn motto. Schrijven dwingt je halve gedachten af te maken. Ik zou niet weten wat ik zonder notitieboek zou moeten beginnen. Mijn dagboeken zijn een bonte verzameling van dagelijkse gebeurtenissen, overpeinzingen, aanzetten tot een column of kort verhaal, to do lijstjes, besprekingen van boeken en films, haastig neergekrabbelde, opvallende quotes, liefdevolle beschrijvingen en boze gedachtes. In mijn boekenkast staan ze aaneengeregen tot een lange rij zwarte hardkaft-schriftjes. De afgelopen jaren zijn er minutieus in geregistreerd, vooral in woorden maar ook met tekeningetjes, schema’s en overzichten. Ik schrijf dus ik ben. Met enige regelmaat blader ik terug. Ik lees dan bijvoorbeeld wat ik een jaar geleden op deze datum schreef. En dan gebeurt het.

Het is opvallend te zien hoeveel betekenisvolle details met de loop der jaren in je hoofd vervaagd – of erger nog – veranderd zijn en bij het teruglezen de eigen geschiedenis een kleur geven die er bij de oppervlakkige herinnering helemaal niet meer leek te zijn. De opgeslagen herinnering is een andere dan de toenmaals ervaren waarheid. Het is een mooie illustratie van wat Coetzee en Kurtz beschrijven in hun brievenboek. De mens boetseert zijn eigen levensgeschiedenis tot een verhaal waarmee hij leven kan. Dat is niet noodzakelijkerwijs hoe het werkelijk was. Maar de ervaren werkelijkheid moet wel leefbaar blijven. Je hoofd is er niet op uit je ziek te maken. Het eigen verhaal als leugentje om bestwil; opdat je verder kunt met je leven.

Met dit in gedachten denk ik na over de praktijk van reflectieverslagen zoals ik die in veel scholen zie. Het zijn bij nader inzien onmogelijke opdrachten. Wat gebeurd is, moet immers  tot een verhaal gekneed waarmee te leven valt. In de veilige binnenwereld wil je jezelf misschien nog wel bekennen hoe het werkelijk zat, maar dat berg je liever heel diep weg. Een eerlijk reflectieverslag moeten schrijven voor de buitenwereld, is een vergiftigde opdracht. En daar lopen we liever met een boog omheen. En zo zitten talloze docenten avond in avond uit een zorgvuldig geconstrueerde waarheid te lezen terwijl het werkelijke verhaal verborgen blijft. Het is zonder twijfel goed om na te denken over wat gebeurd is. Er valt veel te leren uit de eigen ervaring. De confrontatie tussen de waarnemingen van een ooggetuige, feedback dus, en de eigen beleving is daarbij echter onontbeerlijk. Een reflectiegesprek heet dat. Zoals het teruglezen in een dagboek van wat werkelijk gebeurde in plaats van geloven in je eigen, aangepaste versie achteraf.

Een reflectieverslag kan hooguit de neerslag zijn van een goed reflectiegesprek. Kort en bondig, wat goed is en wat beter kan. Of misschien wel moet. Maar eens kijken hoe dat verhaal valt.

Lees verder / reageer