Cliëntenraad

 

Of ik in de cliëntenraad wilde… Mijn moeder woont sedert enige jaren in een verzorgingstehuis. Naar volle tevredenheid. Tenminste, dat zegt ze als je er naar vraagt: ’het eten is goed en de mensen zijn aardig.Afbeelding Typemachine Ik heb niks te klagen’. 

Verzorgingshuizen hebben een cliëntenraad. Daarin spreekt een groepje bewoners om de zoveel tijd met elkaar over het reilen en zeilen in het tehuis en over vragen van bewoners of die de lokatie-manager op tafel legt. Dat de voordeur ’s avonds vroeger op slot moet, dat de huistelefoon niet naar behoren werkt, berichten vanuit het bestuur, dat soort dingen. Met het alsmaar ouder worden van de bewoners, komen in hun plaats steeds vaker hun mantelzorgers in die raad. Dat mag ook van de wet. De raad van mijn moeders verzorgingstehuis had vacatures, meldde de mail. Of ik daar iets voor voelde?

Nee, natuurlijk voelde ik daar niets voor. Maar iemand moet het doen. Maatschappelijke plicht en zo. Ik kan moeilijk volhouden dat ik er geen tijd voor heb. Eén avond in de twee maanden. En eerlijk gezegd was ik ook wel nieuwsgierig.

En zo beland ik ’s avonds om half acht in een grote, sfeerloze zaal met twee bewoners, vier mantelzorgers en de lokatie-manager. Zeven dames, een karretje koffie en ik. Geen koekjes. Ik probeer veel te luisteren en niet te veel te zeggen. De bewoonster van 91 tegenover mij – wel een paar gebreken hoor, maar met mijn rollator kom ik nog overal – leest de agenda van haar iPad en typt vlot haar aantekeningen in. Er ontstaat een levendig gesprek over de overstap van kabel naar glasvezel voor internet en tv en men neemt een kordaat besluit: doen. Maar even later wappert het gesprek alle kanten op en lijk ik ergens tussen Jiskefet en Fawlty Towers geland. Als de reorganisatie ter sprake komt, rolt het bekende management jargon over tafel. In mijn naïviteit dacht ik die onzin de deur van dit verzorgingshuis wel voorbij was gegaan. Niet dus. Zelf-organiserende-teams, met coaches op de werkvloer. Tussen de zinnen van de lokatie manager door beluister heimwee naar gewoon goed leiding mogen geven. De plannen klinken als goed bedoelde besluiten, maar mijlen ver verwijderd van de werkvloer. En het wordt goedkoper natuurlijk, al verdwijnt veel van dat geld nu even naar het adviesbureau. Commissies gaan stukken schrijven. Ik ben benieuwd of mijn moeder daar nog wat van merkt.

Om halftien sta ik met gemengde gevoelens weer buiten. De druilerige regen geeft mijn stemming goed weer. Wil ik dit? Ja en nee. Ja, omdat het goed is een handje toe te steken in het maatschappelijk verkeer als je daartoe in de gelegenheid bent. En ook omdat het heel verfrissend is om met een negentigjarige over glasvezel te discussiëren. Weg met die vaste beelden over ouderdom. Nee, omdat ik me voorgenomen had me niet meer te bemoeien met rammelende organisaties. Verloren energie. Maar als je als jongere-oudere je kop uit het raam steekt, zit je in 17 besturen voordat je nee hebt kunnen zeggen. De lokatie-manager dacht me al direct in de centrále cliëntenraad te parachuteren.

Ik wandel peinzend naar huis. In de zomer maar eens rustig over nadenken.

Lees verder / reageer