Onderwijs en wetenschappen?

Onlangs was ik te gast op een boeiende conferentie in België. In Afflichem om precies te zijn. Het SOK, School Overstijgend Kwaliteitsnetwerk, organiseert een paar keer per jaar een congres met allerlei lezingen rond een thema. Dit keer ging het om ’Kwaliteitszorg van het leren’.

De SOK heeft in België de rol die in Nederland de inmiddels zo goed als ontmantelde Pedagogische Centra hadden. Hier zijn APS en KPC inmiddels verdwenen. Het CPS worstelt om te blijven drijven. De verzuiling en sturing van bovenaf op vorm en inhoud van het onderwijs door middel van grote instituten lijkt voorbij. Voor kwaliteit van onderwijs moeten scholen tegenwoordig te rade bij allerlei bedrijven en bedrijfjes en een leger van zzp’ers. Rijp en groen, kwaliteit en onzin verkopers kris kras door elkaar. Inmiddels hebben veel scholen hun weg daarin wel gevonden. Ze weten wel wat ze nodig hebben en waar ze dat kunnen halen. Maar zo’n groot congres is ook niet verkeerd. In de opzet van de SOK geeft het de deelnemende scholen een aardig beeld van wat er nu zoal speelt in de onderwijskundige wereld, de stand van de wetenschap zogezegd. En het zet aan tot denken. 

Over wat wel en niet klopt in het onderwijs hebben twee namen op het moment het hoogste woord:  Pedro de Bruyckere en Paul Kirschner. De heren timmeren aan de weg met grote verhalen en een stapeltje boeken. Ik las al het nodige van ze en de Bruyckere zag ik ook al eens een presentatie doen. Hij is een onorthodox podium-dier met een helder, aansprekend, maar ook genuanceerd verhaal, dat hij met respect voor zijn gehoor vertelt. Daar kan Kirschner nog wel wat van leren. Een Nederlandse dominee tegenover de Vlaamsche bierdrinker. Kirschner duwt zijn waarheden er in als ware het gods woord. Je krijgt direct zin het tegenovergestelde te beweren. 

Tegelijkertijd is de waarheid is een dagvers artikel geworden. We worden overstroomd met publikaties, onderszoeken en opvattingen. Kritisch blijven kijken en luisteren is het devies.

Het ging in Afflichem veel over formatief toetsen, de laatste hype in het onderwijs. Een jaar of vijf geleden kwam Gert Biesta overal langs met zijn pedagogische dimensie van het onderwijs. Daarna was het ineens differentiatie wat de klok sloeg en nu zoemt formatief beoordelen rond. Prima thema’s, daar niet van, maar het komt wel allemaal voorbij als eb en vloed. What else is new? Elke school organiseert er vervolgens braaf een studiedag over en klaar zijn we weer. Een docent die bij de tijd blijft en nadenkt over zijn werk, deed er allang het haare mee. In de kern zijn het de onderwerpen die altijd al aan de orde waren. Er is niks mis met nu en dan even rechtop gezet te worden door een scherpe denker, maar we moeten niet net doen alsof het onderwijs nu ineens opnieuw uitgevonden moet worden. 

Dat is ook de goede blik om naar het mythes verhaal van De Bryuckere en Kirschner te kijken. In heel veel stromingen, overtuigingen of nieuw lichterij zit wel wat verstandigs, zonder er direct een nieuw geloof van te maken. De ’grow mindset’ van Dweck? Er mag dan geen onomstotelijk wetenschappelijk bewijs voor zijn, maar elke goede docent weet dat goed geformuleerde aanmoedigende feedback meer effect heeft dan sacherijnig een aanwijzingen geven. In de hersenen zijn geen bewijzen gevonden voor het ’meervoudige intelligientie’ verhaal van Gardner, maar elke goede docent weet dat creatief variëren met je aanpak in de klas, heel effectief kan zijn. Al is het maar voor het plezier in leren. De wetenschappers doen in hun presentaties net alsof het onderwijs blind achter elke nieuwe stroming aanloopt. Dat is niet zo heren en dat is maar goed ook.

Lees verder / reageer